Oppositie opent aanval op nieuw stadsbestuur tijdens hoorcommissie: ‘Waarom zes wethouders?’

Joey Hut Joey Hut

Nog voordat het nieuwe college officieel is benoemd, heeft de oppositie de aanval geopend op het beoogde stadsbestuur van PRO, D66 en STIP. Vooral de keuze voor een college met zes wethouders en de voordracht van Hélène Oppatja, die in Rijswijk woont, zorgden voor discussie.

Frank van Vliet, Sophie Koek, Maaike Zwart, Hélène Oppatja, Minke van Velzen en Ida de Boer | Foto: GroenLinks-PvdA Delft, Alyssa van Heyst, Guus Schoonewille, PRO, D66 en STIP

Tijdens een hoorcommissie van de gemeenteraad op dinsdag 16 juni, waarin de kandidaat-wethouders zich voorstelden, kwamen over deze onderwerpen veel vragen.

Met name de uitbreiding van vijf naar zes wethouders hield de oppositie bezig. Onder meer VVD, SP, Volt, PVV vroegen zich af waarom Delft een zesde wethouder nodig heeft en hoe de extra kosten hiervoor zijn uit te leggen aan inwoners.

Ook de politieke verhoudingen kwamen ter sprake. SP-fractievoorzitter Joost van der Sluis stelde dat PRO als grootste partij relatief veel heeft ingeleverd door iedere coalitiepartij twee wethouders te gunnen. Volt vroeg zich af of de wethouders niet nog meer de overhand zouden krijgen ten opzichte van de gemeenteraad.

Coalitiepartijen PRO, D66 en STIP verdedigden de keuze voor een extra wethouder. Volgens hen staan Delft en de regio voor grote opgaven op het gebied van wonen, duurzaamheid en bereikbaarheid. Daarvoor zou extra bestuurskracht nodig zijn. Ook wezen zij op de toenemende regionale samenwerking waarin Delft een actieve rol speelt.

Delftse wethouders en hun portefeuilles

Frank van Vliet (Pro):
Financiën en deelnemingen; Mobiliteit; Openbare ruimte en afval; Biodiversiteit en dierenwelzijn; Delftse Hout en regionaal groen; Nieuw Delft.

Hélène Oppatja (Pro):
Wonen; Werk en inkomen; Armoede en schulden; Erfgoed en gedeeld verleden; Organisatie; Kop van de Buitenhof.

Sophie Koek (D66):
Jeugd en jeugdzorg; Zorg, Wmo en beschermd wonen; Sport en bewegen – gezondheid; Uitvoeringsprogramma Delft-West; Inburgering; Ouderen; Maatschappelijke opvang; Subsidies.

Minke van Velzen (D66):
Onderwijs(huisvesting); Lokale economie; Bezoekerseconomie; Binnenstad; Vastgoed en grondzaken; Dienstverlening; Digitalisering.

Maaike Zwart (STIP):
Energie; Circulair; Klimaatadaptatie; Innovatieve economie en Innovatiedistrict Delft (IDD); Inclusief samenleven; Maatschappelijke voorzieningen; Vergunningen; Schieoevers, Biotech Campus Delft, DSM Oost.

Ida de Boer (STIP):
Ruimtelijke ordening; Gebiedsontwikkeling; Cultuur; Evenementen; Samen met de stad en participatie; Milieu.

Oppatja onder vuur
Veel aandacht ging daarnaast uit naar kandidaat-wethouder Hélène Oppatja. Zij woont in Rijswijk en heeft aangegeven daar te willen blijven wonen als zij wethouder wordt.

Verschillende partijen vroegen hoe dat te rijmen valt met haar beoogde portefeuille Wonen en Bestaanszekerheid. Oppatja stelde dat goed bestuur niet afhangt van de vraag waar iemand woont, maar van de bereidheid om inwoners te ontmoeten en naar hen te luisteren.

Niet iedereen was overtuigd. VVD-fractievoorzitter Tessa van den Berg reageerde kritisch: “Ik hoor geen antwoord op de vraag waarom u niet wilt verhuizen en voel bij u geen liefde voor Delft. Ik ben er beduusd van.”Oppatja ging tegen dat beeld in: “Ik kies voluit voor Delft.”

Voorproefje van debat
De hoorcommissie was formeel bedoeld om de geschiktheid van de kandidaat-wethouders te toetsen, maar bood tegelijkertijd een inkijkje in de politieke verhoudingen voor de komende bestuursperiode.

De kritische vragen over de zesde wethouder en de woonplaats van Oppatja laten zien dat de oppositie ontevreden is. Volgende week volgt het echte politieke gevecht, wanneer de gemeenteraad het coalitieakkoord van PRO, D66 en STIP bespreekt en besluit over de benoeming van de zes wethouders. De toon voor dat debat lijkt alvast gezet.

LIVE